Broad Lighting

Bij de “brede verlichting” wordt dat deel van het gezicht dat naar de camera is gedraaid, het sterkst verlicht.

Het ‘brede’ in broad lighting verwijst naar de brede kant van het gezicht. Dat is de kant die zich het dichtst bij de camera bevindt.

De kant die verder van de camera verwijderd is, bevindt zich in een donkerder deel van de foto en wordt ‘short’ genoemd.

Deze belichtingsconfiguratie is geschikt voor mensen met een (erg) smal gezicht omdat het er zorg voor draagt dat het gezicht er breder uit lijkt te zien. Sommige fotografen menen ook dat broad lighting goed uitpakt bij mensen die veel rimpels hebben omdat het schaduwen tegengaat. Voor de meeste mensen is deze belichting in ieder geval minder goed geschikt.

Laat bij broad lighting het model niet recht naar de camera kijken, maar bijvoorbeeld in een hoek van 45 graden langs de camera heen. De lichtbron schuin voor het model staat hoger ingesteld dan degene die schuin achter het onderwerp is opgesteld. De lichtbron achter het model kan ook een reflector zijn.

Wanneer niet het voorste deel van het gezicht, maar het achterste deel het meest belicht wordt, wordt dit short lighting genoemd.

Afb 1: Schema belichtingsconfiguratie
Afb 2: Het deel dat het dichtst bij de camera is wordt sterker verlicht