Fotografie met flair

Wat te doen als een lenskap niet meer helpt om ongewenste lens flare te voorkomen? Dan maak je gewoon een luikje. Een luikje? Lees hier hoe eenvoudig dit werkt!

Lens flare

Het komt voor dat licht op een dusdanige wijze in het objectief valt dat daardoor lens flare ontstaat. Dit effect treedt vooral op wanneer een helder puntlicht, zoals dat van een flitser of de zon, in een scherpe hoek in het objectief valt. In het objectief wordt het licht gereflecteerd tussen de afzonderlijke lenzen en dat veroorzaakt het effect.

In een studio ontstaat lens flare (soms ook alleen ‘flare’ genoemd) doordat het licht vanaf een flitser rechtstreeks het objectief kan invallen. Maar hetzelfde verschijnsel kan natuurlijk net zo goed in de buitenlucht met zonlicht optreden.

De meeste mensen kennen lens flare als verschijnsel dat zich openbaart als heldere sterren of cirkels in een opname. Maar er is ook een vorm van lens flare dat zich als een lichte waas op de foto laat zien. Soms zijn dit gewenste effecten, maar meestal niet.

In afb 1 zien we een foto waarin beide effecten te zien zijn. Voor deze foto is dit natuurlijk wel gewenst. Het geeft een geheel eigen sfeer aan de foto.

De waas

De waas die kan ontstaan is hinderlijk bij foto’s waar je juist op zoek bent naar donkere of zelfs zwarte delen. Het wordt hierdoor namelijk nooit echt zwart. Daar waar de waas zich bevindt is minder contrast en minder kleurverzadiging aanwezig. Daar zit je dan dus niet op te wachten.

Nu kun je deze waas achteraf wel weg proberen te werken met behulp van bijvoorbeeld Photoshop of Lightroom, maar de problemen met het contrast en de kleurverzadiging worden daardoor hooguit kunstmatig opgelost. Dit leidt daardoor niet altijd tot een natuurgetrouw eindresultaat.

Voorkomen is beter dan genezen

Als je geen lens flare wilt hebben, moet je er voor zorgen dat de scene gelijkmatig verlicht is. Oftewel, zorg er voor dat er geen plek is die veel helderder is dan de rest er om heen. In praktijk komt dit er op neer dat je de flitsers niet richting de camera moet laten schijnen.

Maar wat nu als je toch in die positie de flitser moet plaatsen? Probeer dan wat er gebeurt wanneer je een lenskap (zonnekap) gebruikt. Door een lenskap op het objectief te plaatsen, kan lens flare immers al vaak goed worden tegengegaan. Een lenskap is de eerste manier die je gebruikt om lens flare tegen te gaan.

De lenskap

Een lenskap werkt als de klep van een pet. Het zorgt er voor dat er een schaduw valt over de voorkant van het objectief.

De werking van een lenskap is eenvoudig te demonstreren aan de hand van afb 2. De hoek van de “objectief passerende lichtbundel A” is door de lenskap kleiner te maken door een lenskap te benutten. Lichtbundel B laat zien in welke mate dat plaatsvindt. De lenskap voorkomt dat een deel van het licht dat vanaf de zijkant komt, het objectief kan bereiken.

Hoe langer de ‘klep’ is, hoe meer schaduw hij kan veroorzaken. Hieruit zou je wellicht de conclusie kunnen trekken dat je maar het beste kunt kiezen voor een zo lang mogelijke lenskap. Toch is dat niet het geval!

Een teleobjectief heeft, door zijn brandpuntsafstand, een smalle hoek waarmee hij ‘kijkt’. Daardoor kun je op een teleobjectief een relatief lange lenskap plaatsen. Maar zou je deze lange lenskap op een groothoekobjectief plaatsen, dan heb je grote kans dat je de randen van de lenskap op de foto zal zien omdat het groothoekobjectief in een veel bredere hoek naar buiten kijkt. Kortom, ieder objectief heeft dus zijn eigen lenskap omdat deze een maximale lengte voor dat objectief heeft. 

Is het je nooit opgevallen dat sommige lenskappen twee langere en twee kortere uitstekels hebben? Dit wordt wel een bloemblad (petal shape) genoemd. Dit soort kappen zijn ontworpen om rekening te houden met rechthoekige vorm van de sensor van de camera.

De insnedes van de “petal shape lens hood” dragen zorg voor een rechthoekige doorlating van het licht in plaats van een ronde. Hierdoor valt er minder licht in het objectief. Daarom zijn deze lenskappen effectiever dan de gewone ronde. Dit levert vooral voordelen op bij objectieven met een kleine brandpuntsafstand.

Het zal duidelijk zijn dat licht dat zich niet in de passeerde lichtbundel bevindt het objectief niet kan bereiken. En het is juist dat licht dat een scherpe hoek maakt ten opzichte van het objectief en daardoor lens flare kan laten ontstaan. Houden we dit daarom buiten de passerende lichtbron, dan gaan we hiermee het ontstaan van lens flare tegen.

Lukt niet altijd

Maar het komt voor dat een lenskap toch niet toereikend genoeg is om lens flare tegen te gaan. Voor dit soort speciale situaties moet je iets anders gebruiken. 

In praktijk kom je dit waarschijnlijk het meest tegen wanneer je werkt met flitsers, zoals in een studio. Je bent daar immers vrij om de lichtbronnen te plaatsen waar je maar wil en omdat je ook kunt werken met meerdere lichtbronnen (flitsers) neemt de kans op lens flare daar snel toe.

De oplossing is theoretisch gesproken eenvoudig. Als je de flitsers perse op die plek wilt houden, verleng dan de lenskap. Maar ja, dat is theorie weten we inmiddels want een lenskap van een meter is geen praktische oplossing en je zult de lenskap op de foto gaan zien. Je zou dan een soort conusvormige lenskap nodig hebben en dat van verschillende lengtes.

De oplossing

We zullen dergelijke situaties daarom ander te lijf moeten gaan. We gaan eerst een opstelling maken die voor een dergelijke situatie zal zorgen. In afb 3 zie je hoe we dat gedaan hebben. Hier helpt geen lenskap tegen...

Vlak achter ons model hebben we twee studioflitsers opgesteld. Deze staan gericht op het boek dat het model vasthoudt, maar daarmee ook in de richting van de camera. Onze bedoeling hiermee is dat deze flitsers het boek belichten. Het licht dat op het boek komt, wordt weerkaatst en valt terug op haar lichaam en daarmee wordt het model van de voorzijde verlicht.

De studioflitsers staan op een relatief hoge lichtafgifte afgesteld omdat we werken met het van het boek teruggekaatste licht. Omdat er maar weinig licht terug zal kaatsen, hebben we veel licht van de flitsers nodig. Maar deze opstelling leidt natuurlijk ook tot veel lens flare. En dat is te zien want als we nu een foto maken, krijgen we daar afb 4 mee. In deze foto is, zoals verwacht, veel waas van de lens flare te bespeuren. Dat is natuurlijk ook niet zo vreemd gezien de hoek waarin de studioflitsers staan opgesteld.

De conusvormige lenskap

Nu zou een conusvormige lenskap dus goed uitkomen. Maar die hebben we niet. Daarom pakken we een stuk karton en halen daar in het midden een rechthoek uit. Deze heeft ongeveer dezelfde verhouding in de zijden als de sensor die we gebruiken. De randjes van deze rechthoek werken we af met zwarte isolatietape en we verven het geheel zwart (zie afb 5).

Dit stuk karton klemmen we vast op een statief en plaatsen we tussen het model en de camera in. Zoals te zien is in afb 6 houden we hiermee een groot deel van het licht tegen. Door het karton meer naar voren of naar achteren te plaatsen, kunnen we bepalen hoeveel licht wordt tegen gehouden en wat we laten passeren.

In feite hebben we hier een conusvormige lenskap mee gemaakt. Het karton zorgt voor de ‘schaduw’, door de rechthoek laten we het licht vallen wat we wel wensen te ontvangen.

Voor een foto zoals deze kun je zorgen voor veel, geen of een beetje flare, geheel naar eigen believen. De hoeveelheid kun je bepalen door het karton te verplaatsen ten opzichte van de camera. Eigenlijk is dit hiermee een soort “uitschuif conische lenskap” geworden. En dat is te zien wanneer we naar afb 7 kijken waarin je een foto ziet die genomen is door het ‘luikje’. De hinderlijke lens flare van afb 4 is hier geheel verdwenen.

Variabelen

Je kunt met dit luikje natuurlijk behoorlijk wat bepalen mits je het karton goed hebt gemaakt. De afstand tussen de camera en het karton is vanzelfsprekend bepalend voor de hoeveelheid lens flare, maar de grootte van de uitgesneden rechthoek bepaalt natuurlijk wel hoe ver je het karton maximaal van de camera vandaan kunt plaatsen voordat je het karton op de foto ziet.

Vergeet ook niet om het karton groot genoeg te maken zodat het licht er niet alsnog langs kan komen en op die manier toch nog het objectief bereikt.

Invullicht

We hebben in dit geval het karton zwart geverfd. Dit voorkomt dat het licht dat van de studioflitsers op het karton terecht komt, wordt teruggekaatst en op die manier de scene ongewenst belicht. En bij onze eerste foto's bleek dat ook zo te werken. Het boek werd geheel zwart (onderbelicht) . Toch is het boek in afb 7 niet meer onderbelicht en kunnen we zelfs de voorkant lezen.

Wij hebben hiervoor een apart wit stuk karton gebruikt dat als reflectiescherm dienst deed. Het voordeel hiervan is dat je meer invloed krijgt hoeveel licht er precies wordt teruggekaatst en welke hoek dit maakt. Daarom verdient dit de voorkeur boven het gebruik van een 'wit luikje'.

 

Afb 1: Lens flare bepaalt in deze foto de sfeer
Afb 2: De lenskap voorkomt veel lens flare momenten
Afb 3: Deze opstelling zorgt voor het optreden van lens flare
Afb 4: De 'lens flare waas' is duidelijk zichtbaar in de foto
Afb 5: We maken van karton een 'luikje' en verven die zwart
Afb 6: Het luikje voorkomt het binnentreden van het 'lens flare licht'
Afb 7: De lens flare is geheel verdwenen door het gebruik van het 'luikje'