Kloon jezelf

Multiple Exposures

In de tijd dat we nog met film werkte, was er een techniek die wel werd aangeduid met “multiple exposures”. Een groot aantal camera’s beschikt nog over de mogelijkheid om multiple exposure opnames te kunnen maken. Eenvoudig gesteld kwam dit er vroeger op neer dat je op hetzelfde stuk negatief meerdere opnames maakte. Voor dergelijke opnames kon je dus vaker dezelfde persoon fotograferen zodat het leek of je een eeneiige tweeling of drieling had gefotografeerd.

Er waren echter een paar zaken die daar altijd bij om de hoek kwamen kijken. De belangrijkste daarvan waren dat de opnames een beetje transparant door elkaar heen schenen en daardoor leek het wel alsof de personen een soort geestverschijningen waren. Daarnaast moest je heel goed onthouden wat op de afzonderlijke opnames was vastgelegd, want je had geen enkele mogelijkheid om ze terug te zien. Pas als de foto’s ontwikkeld en afgedrukt waren, wist je pas wat je er van gebrouwen had.

Wie zelf beschikte over de mogelijkheden van een donkere kamer kon verder gaan. Die kon twee of meer foto’s maken en, tijdens het afdrukken, een deel van het fotopapier belichten met het ene negatief om vervolgens andere delen met de andere negatieven te belichten. Daarmee werd het probleem van de ‘geestvorming’ voorkomen, maar het tweede probleem bleef natuurlijk bestaan.

Het digitale tijdperk

Nu het fotograferen op filmrolletjes tot het verleden behoort, hebben we het gemakkelijker gekregen. We kunnen direct terug zien wat er gemaakt is en in programma’s als Photoshop kunnen we de meervoudige opnames eenvoudiger op elkaar afstemmen. Photoshop is hiermee de hedendaagse variant op de donkere kamer geworden.

Maar toch blijkt het niet altijd even gemakkelijk te zijn om dit goed voor elkaar te krijgen. Daarom is het handig om een aantal tips op te volgen.

Zoals vroeger, maar dan nu

Met de eerste methode doen we eigenlijk niet veel anders dan vroeger. We maken twee of meer afzonderlijke opnames en in Photoshop leggen we die boven op elkaar, halen een deel van de bovenliggende layers weg met masks en klaar is Kees. Dus net alsof we in een donkere kamer het fotopapier belichten met twee of meer negatieven.

Om deze foto’s goed te kunnen maken is het belangrijk dat je de camera op een statief zet en in de M-stand gebruikt. Je zorgt er hiermee voor dat tussen de foto’s zo weinig mogelijk verschil ontstaat op het gebied van het licht en bijvoorbeeld de scherptediepte. Schakel ook de autofocus van de camera uit. Hoe minder verschillen in de gebruikte instellingen van de foto’s, hoe beter het resultaat!

Het model kan bij deze methode moeilijk weten waar ze precies stond bij de vorige foto. En als je het niet heel erg goed voor elkaar krijgt om mensen uit te knippen, dan kan het model zo maar voor de “ander” gaan staan met alle gevolgen van dien. Zodra de personen op de foto ook nog een echte interactie met elkaar aangaan, bijvoorbeeld doordat ze elkaar een hand geven, dan wordt dat alleen nog maar moeilijker. Het model moet niet alleen onthouden waar ze stond, maar ook hoe hoog de hand gehouden werd, etc..

Wil je dat foto’s goed slagen, en gebruik je deze methode, dan is het aan te bevelen om geen complexe interacties op de foto aan te gaan. Zulke foto’s zijn wel te maken, maar daarvoor kun je dan beter de methode gebruiken die hieronder beschreven staat of over heel veel geduld beschikken.

Een andere goede tip is om een vast punt op te nemen in de foto. Soms plaatsen fotografen op de grond een aantal merktekens zodat het model weet waar ze moet gaan staan, maar als het past in de scene, is het slimmer om een voorwerp mee te fotograferen. Dit voorwerp dient dan niet alleen als referentie voor het model, het kan tevens gebruikt worden om de verschillende foto’s beter op elkaar aan te laten sluiten.

Wanneer je kijkt naar de foto’s in afb 1, dan zie je dat we als vast object een muziekstandaard hebben gebruikt. Tijdens het fotograferen van 1A en 1B mag dit vaste object niet verplaatst worden. Leg je nu 1A en 1B als layers boven elkaar binnen Photoshop, dan kun je de bovenste layer 50% transparant maken en op die manier de muziekstandaard van 1B perfect leggen op 1A. Super eenvoudig en toch super nauwkeurig. Daarna haal je met een mask die delen van de bovenste layer weg die voorkomen dat je de persoon er onder kunt zien.

De muziekstandaard had in deze foto niet alleen als rol om de foto’s goed op elkaar aan te laten sluiten in Photoshop. Tijdens het fotograferen wist het fotomodel ook dat ze, als ze tijdens het maken van 1A maar aan de linkerzijde van de muziekstandaard zou blijven, en bij het maken van 1B aan de rechterzijde daarvan, ze nooit overlappend zou gaan staan. Het is dus niet alleen handig voor de nabewerking in Photoshop, het is ook erg handig voor het model tijdens de shoot.

Wanneer je een fauteuil in je scene opneemt en je laat het fotomodel daar op zitten en er achter staan, dan wordt zo’n foto dus al snel heel realistisch. Zolang de positie van de camera en diens instellingen maar niet wijzigen tijdens beide foto’s en de stoel keurig op zijn plaats blijft staan.

In afb 2 is te zien hoe 1A en 1B door deze techniek naadloos op elkaar gelegd konden worden waardoor het eindresultaat heel realistisch werd.

Als het moeilijker wordt

Maar wat nu als je een fotomodel wilt fotograferen die de helft in regenkleding staat en in de andere helft in haar bikini? Je mag niet verwachten dat een fotomodel in staat is om de eerste foto te maken, zich om te kleden, en dan exact op dezelfde plaats en in dezelfde houding klaar kan gaan staan voor de tweede foto. Daar moet dus iets op gevonden worden.

In afb 3 slaat het meisje met de bril het meisje zonder de bril. Er is geen vast object in de foto opgenomen dat het fotomodel kon gebruiken als referentiepunt. Een dergelijke foto waarbij de vuist exact tegen de kaak van het meisje aan komt, is, net als de regenjas-bikini-foto met de vorige methode, eigenlijk ondoenlijk om te maken.

Om dit op te lossen fotografeert men soms de twee foto’s en worden deze in Photoshop net zo lang gemanipuleerd totdat het ‘klopt’. De werkelijkheid is echter weerbarstig. De bewerkingen die nodig waren in Photoshop verraden niet zelden dat het een knutselwerkje was om het er zo uit te kunnen laten zien.

Maar geloof het of niet: voor afb 3 hebben we dat helemaal niet hoeven te doen. We hebben hier niet voor hoeven te knutselen. Eigenlijk was het zelfs eenvoudiger deze foto te maken dan afb 2. We hebben hier namelijk Capture One voor ingeschakeld.

Wat is Capture One?

Met Capture One kun je als fotograaf enorm veel doen, zoals tethered werken. Tethering betekent dat je de camera via een USB kabel aansluit op een PC of Mac en de camera vanaf dat werkstation bedient.

Capture One kan de opnames die door de camera worden gemaakt direct transporteren naar het werkstation en daar eventueel geautomatiseerd of handmatig allerlei bewerkingen op uitvoeren. Daarna is het mogelijk de foto’s rechtstreeks door te sturen naar Photoshop om daarin andere bewerkingen op de foto los te laten.

Overlay in Capture One

Een van de functies die Capture One biedt, is die van het gebruik van een overlay. Een overlay heeft wel wat weg van een layer in Photoshop. Je leest de overlay in en Capture One toont deze overlay boven de foto die je maakt. Omdat Capture One ook Live View (directe doorgifte van het live beeld van de camera) ondersteunt, is het ook mogelijk om de overlay op het Live View beeld te plaatsen.

Door eerst een foto te maken van het meisje dat geraakt wordt door de vuist, en deze in te lezen in Capture One, konden we deze foto als voorgrond gebruiken boven op het Live View beeld van onze camera. Hoewel deze technologie hier niet echt voor bedoeld is, werkt het prima.

De oorspronkelijke bedoeling van de overlay functie in Capture One is dat je een transparante schets maakt van bijvoorbeeld een voorkant van een magazine. Je geeft daar op aan waar de tekst moet komen en eventuele afbeeldingen. Deze transparante schets lees je in Capture One in en door Live View in te schakelen zie je op de monitor precies of dat wat je fotografeert wel op de juiste plaats en in de juiste verhouding terecht zal komen.

Het is deze techniek die we gebruikt hebben voor afb 3. De monitor was naar ons model gedraaid en op die manier kon zij haar hand precies op de juiste plek houden. De foto’s konden dus achteraf als layers in Photoshop op elkaar worden geplaatst en behoefde geen andere bewerking dan het verwijderen (maskeren) van de achtergrond van de bovenste foto waar het linker model achter verscholen was. Het resultaat is dus echt. Niet omdat we de foto’s moesten aanpassen om het mogelijk te maken, maar omdat het fotomodel precies op de goede plek en in de juiste houding stond toen de foto gemaakt werd.

In de inset in afb 3 zie je de overlay functie van Capture One met daarin het schermpje dat het fotomodel kon zien. Voor haar was dat beeld schermvullend zodat ze zonder problemen tot op detail kon zien of ze wel goed stond.

Nu zou je je nog kunnen afvragen waarom we er voor gekozen hebben het fotomodel op deze foto bij de tweede opname een bril op te laten zetten. Daar is een eenvoudig antwoord op te geven: zonder bril kon ze de monitor niet goed bekijken. Soms zijn bepaalde beweegredenen heel praktisch...

 

Afb 1: Maak foto's met een "referentie object"
Afb 2: Voeg ze samen in Photoshop en maskeer
Afb 3: Met overlay en Live View is geknutsel niet nodig