Esthetica

Wat is esthetisch verantwoord? Wanneer is een foto mooi en wanneer is hij niet mooi? Wat is kunst en wat is gewoon doorsnee of zelfs afzichtelijk? Moeilijke vragen voor de fotografie, maar andere vakgebieden geven misschien wel een antwoord.

Wat mooi is

Wat mooi is en wat niet, wie zal ons dat zeggen? Misschien wij zelf wel! Per toeval verscheen dit artikel op een Nieuwjaarsdag. Een goed moment om onszelf deze filosofische vraag eens voor te leggen.

De meeste mensen vinden dezelfde mensen mooi. Dit blijkt in ieder geval uit recent onderzoek van de Duitse universiteiten van Regensburg en Rostock. Maar in verschillende tijden vinden we wel andere mensen het mooiste. Blijkbaar verandert onze collectieve opvatting van wat mooi is, in de loop der tijd.

Voor blanke vrouwen geldt op dit moment dat een gebruinde huid, volle lippen, donkere smalle wenkbrauwen en hoge jukbeenderen in combinatie met een smalle gezichtsvorm en een iets grote afstand tussen de ogen worden beschouwd als kenmerken van een mooie vrouw. Maar dat is wel degelijk anders geweest.

In de barok schilderden schilders als Rubens mensen die we nu als mollig of als dik zouden beschouwen. Op dat moment was dat een schoonheidsideaal. Dik zijn was een teken van welvaart en vanaf de oude Grieken werd mooi met goed geassocieerd. Dat is dan ook de belangrijkste reden om er mooi uit te willen zien. Wie er mooi uit ziet, is namelijk goed of heeft het goed.

Dat wat we mooi vinden is dus niet zo’n hard gegeven als sommige psychologen ons soms willen doen geloven. Veranderingen van opvattingen over wat we mooi vinden toont juist eerder aan dat dit niet een vast gegeven is, maar dat we gevoelig zijn in ons schoonheidsideaal voor bijvoorbeeld groepsopvattingen en onze omgeving.

Maar bestaat er dan wel iets als echt mooi? Een schoonheid die niet vergaat? Kan iets tijdloos mooi zijn? Dus kunnen er foto’s gemaakt worden die in de loop der eeuwen blijvend mooi zullen worden gevonden?

Filosofie

Filosofen houden zich, eenvoudig gesteld, bezig met het zoeken naar de juistheid van wat we denken. We kunnen immers over heel veel zaken meningen hebben, en dat hebben we ook, maar wanneer is dat wat we denken ook echt waar en zouden we het als waarheid en daarmee als kennis mogen beschouwen?

Wie kent niet mensen die overtuigd zijn van hun gelijk terwijl je zeker weet dat dit niet zo is? En hoe frustrerend kan het niet zijn wanneer zij op basis van die overtuiging beslissingen nemen die vergaande consequenties met zich meebrengen, ook voor anderen? En hoe machteloos kun je je soms niet voelen wanneer je niet in de gelegenheid wordt gesteld om jouw visie op het geheel te kunnen laten horen? 

De hedendaagse wetenschap heeft daar de zogenaamde natuurwetenschappelijke denk- en werkwijze voor opgesteld. Een manier van denken en werken die herhaalbaar, en daarmee controleerbaar is geworden. Maar er zijn vragen die hiermee niet of nog niet te beantwoorden zijn. Zoals de vraag waarom de mens op aarde is of wat nu eigenlijk schoonheid is. Als de natuurwetenschappen ons niet kunnen helpen, dan kan de wijsbegeerte dat misschien wel. Zij richt zich immers op het zoeken naar antwoorden op dergelijke vraagstukken.

Een onderdeel van de filosofie is de zogenaamde esthetica. Dit is de leer die zich richt op kunst en schoonheid. Afgeleiden van de overpeinzingen van filosofen over dit onderwerp hebben geleid tot de uitdrukking dat iets “esthetisch” zou kunnen zijn, of dat iets wel of niet “esthetisch verantwoord” zou zijn.

Binnen de fotografie wordt deze term ook regelmatig gebruikt. Er bestaan blijkbaar “esthetische foto’s” en daarmee ook “onesthetische foto’s”. Maar waar hebben we het dan eigenlijk over?

Filosofische opvattingen

Homerus beschrijft kunst als iets wat gemaakt werd terwijl een God daar invloed op had gehad. Plato, die meende dat alles wat wij kunnen waarnemen slechts schaduwen waren van perfecte onveranderlijke zaken, meende dat niets in onze omringende tastbare en vergankelijke wereld echt mooi kon zijn. Echt mooi was alleen dat waar deze schaduwen vanaf geleid werden. Alles wat we zien, horen en proeven waren in zijn opvattingen slechts kopieën van deze onveranderlijke zaken en dan nog matige kopieën ook. Kunst, zo vond hij, beeldde deze kopieën uit en dus was kunst op zich weer een kopie van een kopie en daarmee had hij niet een erg hoge pet op van kunstenaars. Hij was dan ook van mening dan een handarbeider hoger stond op de maatschappelijke ladder dan een kunstenaar.

Plotinus, die iets meer dan 200 jaar voor Christus leefde, was het met Plato op dit punt niet eens. Echte kunst, zo meende hij, was een poging om te laten zien waar de kopieën vanaf werden geleid. Het was daarmee een poging om het perfecte te laten zien. Hij beschouwde kunst daarom dus juist als een verheven activiteit. Een activiteit die boven dat van de handarbeider geplaatst zou moeten worden.

De opvattingen van dit soort filosofen mogen worden beschouwd als de basis voor ons hedendaagse denken over kunst. Kunst zou iets moeten zijn dat het wezenlijke moet tonen. Iets dat de kern van dingen openbaart. Kunst zou daarmee een combinatie moeten zijn van oorspronkelijke vormen en uitdrukkingen zoals emoties en gevoelens. In onze tijd wordt kunst maken dan ook als een verheven activiteit beschouwd.

Maar lang niet iedereen vindt dat kunst een poging zou moeten zijn om de perfecte vorm en/of uitdrukking te kunnen vinden. Er zijn mensen die menen dat kunst bedoeld is als streven om de werkelijkheid te laten zien. Anderen vinden juist weer dat kunst het gevoel moet weergeven dat de kunstenaar ervaart van (delen van) de werkelijkheid en weer anderen menen dat kunst betekent dat symboliek wordt gemaakt waar langs men de emotie, het gedachtegoed of de werkelijkheid zou moeten kunnen vinden of benaderen.

Hoe het ook zij, met al deze opvattingen komen we natuurlijk ook niet tot een eenduidige definitie van wat wel of niet esthetisch verantwoord zou zijn. Laat staan dat het antwoord geeft op de vraag wat mooi is of wat kunst is en wat niet.

Wat is esthetisch?

Als iets esthetisch is, betekent dit dat het in overeenstemming is met de geldende schoonheidsleer. Bij het aanvragen van een vergunning voor het kappen van een boom in de tuin of het plaatsen van een schuurtje achter het huis, krijgen we hiermee te maken. De gemeente beoordeelt tijdens de toekenningsprocedure immers of het wel "esthetisch verantwoord" is om de boom weg te halen of het schuurtje te plaatsen. Nu is dit een interessant gegeven, want om dit te kunnen bepalen, meent de gemeente blijkbaar dat zij weet wat mooi is en wat niet. Maar wie zijn zij dat zij dat van zichzelf kunnen vinden?

Wanneer een omgevingsvergunning wordt aangevraagd voor de bouw van een nieuw pand, dan zijn er vanzelfsprekend criteria waar aan moet worden voldaan wil men de vergunning kunnen afgeven. Een van de eisen is dat het plan van voldoende "esthetische kwaliteit" moet zijn. Vaak staat daar dan bij: passend in de omgeving. Verder wordt hier maar weinig over uitgelegd.

Maar hierdoor worden de criteria die worden toegepast wel iets duidelijker. Immers, wil je een pand bouwen tussen andere panden, dan moet het daar blijkbaar bij passen. Maar ook hier kan natuurlijk flink over worden getwist, want past een modern huis niet tussen klassieke woningen? Of past hij er juist wel tussen? Wie bepaalt dat en welke criteria worden daarvoor gebruikt?

De Nadia Camera is een bijzondere camera omdat het geen zoeker heeft. De ontwikkelaar heeft software in deze camera gestopt die beoordeelt of de gemaakte foto wel esthetisch genoeg is. De camera beoordeelt hiermee dus de opname automatisch op esthetiek (=op mooiheid).

Als je een foto met deze camera maakt, dan zie je aan de achterzijde niet de foto verschijnen, maar een getal in procenten. Dit getal representeert het esthetische gehalte van de foto volgens de software. Het algoritme dat voor deze camera wordt gebruikt, is overigens ook beschikbaar via het internet. Daar kun je een willekeurige foto via een portaal aanbieden die vervolgens de esthetische waarde van die foto in procenten teruggeeft. Ook hier kun je niet terugvinden welke criteria worden gebruikt om de waarde te bepalen. Best een vaag gebied dus, die schoonheid, als we er geen criteria aan hangen.

Binnen de fotografie

Fotografie is modegevoelig. Wat wij als mensen mooi vinden, vinden we op foto’s ook mooi. Fotografen gaan daarom met de mode mee. Want wat mooi is, is goed.

Hoewel schoonheid (dus wat mooi en minder mooi zou zijn) aan verandering onderhevig blijkt te zijn, is het toch wel deels te duiden. Eenvoudig gesteld: wat in een bepaalde periode door veel mensen als mooi wordt beschouwd, noemen we binnen de wereld van de fotografie, esthetisch. Wordt het beeld ook geaccepteerd, dan noemen we het esthetisch verantwoord. Dat wat we fotografisch esthetisch verantwoord noemen, voldoet aan een aantal criteria die bij de geldende schoonheidsopvattingen horen.

Voor fotografie spelen daar een aantal zaken een rol bij:

  • De compositie van de foto
  • De gebruikte kleuren (tone)
  • De aard en veelheid van de nabewerking
  • Acceptatie binnen de geldende normen en waarden

Een esthetisch verantwoorde foto is daarom een foto die qua compositie, tone, nabewerking en acceptatie past in het heersende schoonheidsideaal en de geldende normen en waarden. Nu komen we ergens.

Andere kunstvormen

Laten we naar aantal andere kunstvormen kijken. Schilders en beeldhouwers zijn op een bepaalde manier verwant aan fotografen maar waren er al lang voordat de fotografie zelfs nog maar was uitgevonden. Daar moet wat van te leren zijn.

In verschillende periodes van onze geschiedenis zie je dat wat mooi gevonden wordt niet zo breed moet worden opgevat als dat het lijkt. Sterker nog, het is zelfs vaak maar een klein gebied te noemen wat men in een bepaalde periode als mooi kwalificeert. Dat wat er toe deed, werd binnen dezelfde periode ontwikkeld. Daarom is het ook herkenbaar: het lijkt allemaal op elkaar.

Juist om die reden kunnen we kunst heel gemakkelijk dateren. Griekse beelden horen bijvoorbeeld echt thuis in de periode van 900 tot 100 voor Christus en we herkennen de meesters uit de Gouden Eeuw gemakkelijk aan hun schilderkunst. En wie herkent niet het schilderwerk van de impressionisten of de jurken uit de rococo? Voor en na die periodes werden dergelijke werken niet gemaakt. Pas recent zijn we begonnen werk uit verschillende periodes na te maken. Dit doen we vooral om er geld aan te verdienen. Mensen blijken bereid te zijn te willen betalen voor antiek en oude kunst (wat relatief duur is) en dat wat daar op lijkt (wat relatief goedkoop is) en het is daarom lonend om daar nagemaakt werk voor te produceren.

Wie bepaalt wat mooi is?

Maar wie bepaalde tijdens de barok dat een overdaad van vorm en een heftigheid van emoties als mooi zou moeten worden beschouwd? Dat is een goede, maar ook een ingewikkelde vraag.

Zoals al eerder gesteld werd mooi en goed lang met elkaar geassocieerd. Daardoor ontstond ook de tegengestelde gedachte: wat lelijk was, zou wel slecht zijn. Heksen worden daarom lelijk afgebeeld, met grote neuzen en wratten op hun kin waar haren uit komen. Een engel ziet er daarentegen juist heel mooi en schoon uit. Niet gek dat mensen mooi wilden zijn.

Rijken en machtshebbers werden altijd beschouwd als voorbeelden. Want zijn zoals zij zou ook kunnen betekenen dat je zou kunnen krijgen wat zij hadden. En omdat het juist deze mensen zijn die de tijd en het vermogen hebben om veel aan hun uiterlijk te doen, waren zij niet alleen bij machte om een schoonheidsideaal neer te zetten, maar ook om het te verspreiden.

In deze tijd is dat niet veel anders. Artiesten als Madonna en Prince hebben kleding en make-up gebruikt om hun uniekheid en authenticiteit te benadrukken. Hun bereik was enorm en daarmee hadden zij invloed op wat mensen gingen dragen, hoe ze gingen praten en zelfs welke opvattingen zij er op na hielden. Men wilde immers zijn zoals zij. Het zijn niet voor niets idolen. Koningin Maxima heeft eenzelfde rol toegekend gekregen en hoe zij zich gekleed aan het publiek laat zien heeft effect op wat mensen dragen en mooi vinden. 

Er zijn mensen die voorspellen wat de mode zal gaan doen, mensen die voorspellen welke trends er waarschijnlijk zullen komen en welke kleuren in zullen raken. Deze mensen hebben daarvoor geen glazen bol, maar volgen trendsetters zoals Madonna en Prince dat waren. Ze kijken bijvoorbeeld naar het werk van invloedrijke ontwerpers en schatten in wat daarvan wel en wat daarvan zich niet zal doorzetten naar een breder publiek.

Een bepaald modebeeld kan ook ontstaan als reactie of verzet op voorafgaande gebruiken. Of omdat er maatschappelijke veranderingen plaatsvinden zodat aanpassing gewenst is. Toen vrouwen gingen paardrijden, moest hun kleding daar wel geschikt voor worden gemaakt.

Iets kan ook in de mode komen omdat het symbool voor iets staat. Denk aan een bepaald soort tatoeage, neus piercings of het niet meer dragen van een beha. In de jaren vijftig heerste een gevoel dat het alleen maar beter kon gaan. Een periode waarin je fel gekleurde stippen en strepen op kleding ziet verschijnen. Symbolen van vrolijkheid, positiviteit en frivoliteit. 

Wat op een bepaald moment als mooi wordt beschouwd, is daarom een samenloop van deze en nog veel meer zaken die invloed uitoefenen op hoe we bewegen, hoe we ons kleden, hoe we ons voeden en ga zo maar door. Het is dus geen toeval, maar een complexe combinatie van zaken.

En fotografie dan?

Fotografie is in zijn meest basale vorm het vastleggen van beeld. Fotografen kopiëren hun omgeving daarmee op de gevoelige plaat. Om ons heen zijn mooie en minder mooie dingen. Toch worden er meer mooie dingen (de “goede” dingen) gefotografeerd. Dat komt omdat de fotograaf geen verslaglegger van de werkelijkheid is. Hij maakt keuzes van wat hij wel en niet wil laten zien. Daarbij beslist hij hoe hij het wil laten zien. Door een compositie te kiezen en bijvoorbeeld licht toe te voegen of weg te halen, manipuleert hij het beeld. Een fotograaf laat dan ook niet de werkelijkheid zien, hij maakt dat wat hij wil dat je ziet.

Mensen kijken liever naar mooie dingen dan naar lelijke dingen. En dus zullen commerciële fotografen eerder foto’s maken van mooie dingen, of dingen er mooier proberen uit te laten zien, dan dat zij lelijke dingen zullen fotograferen. Klanten willen dat zij zelf, of hun producten, zo goed mogelijk op de foto staan, zoals ze dat zelf noemen. Ze bedoelen daarmee: er zo goed mogelijk mee over willen komen. Mensen gaan niet naar een fotograaf om zichzelf lelijker te laten vastleggen als dat ze er normaal gesproken uitzien.

Een commerciële fotograaf zal daarom moeten weten wat het betekent als iemand of een product er goed op staat en hoe hij dat kan bereiken. Maar dit is slechts een type fotograaf van het brede palet dat zich binnen de fotografie ophoudt.

Een fotograaf die kunst voor zichzelf maakt, en dus geen commercieel doel voor ogen heeft, kan iets goeds willen bereiken, door iets lelijks te maken. Juist door iets hards, iets droevigs of iets lelijks neer te zetten, kun je sommige boodschappen overbrengen.

Als een fotograaf bezig is om uiting te geven aan een bepaalde emotie of aan dat "wat er voor de dingen zit" (Plotinus), dan kan het er misschien heel lelijk uit zien, maar het werk doet dan wel precies dat wat het moet doen. De fotograaf kan het daardoor prachtig vinden, terwijl het lelijk oogt. Hij vindt het prachtig omdat de foto doet wat het moet doen. Op dat moment wordt het daarom juist weer mooi, al is dat op een andere manier. Zoals veel mensen Guernica van Picasso afschuwelijk vinden, maar daardoor juist vinden dat hij hiermee zo goed het gevoel en de chaos tijdens het bombardement liet zien. En dat maakt het dan juist weer mooi.

Esthetisch en acceptabel

Eerder stelden wij dat iets wat esthetisch is, ook acceptabel moest zijn wil het esthetisch verantwoord kunnen zijn. Over wat acceptabel is, kunnen boeken vol geschreven worden. Kort samengevat is dat wat acceptabel is dat wat geaccepteerd wordt en dus past binnen de heersende normen en waarden.

Omdat de waarden en normen binnen groepen kunnen verschillen, verschillen daar tussen ook de grenzen van het toelaatbare. In het gezin mag men misschien naakt rondlopen wanneer we naar de badkamer gaan, maar in een hotel word van je verwacht een kamerjas aan te trekken als je de gang doorloopt naar de badkamer aan het einde van de hal.

Dat wat acceptabel is verschuift minstens zo snel, zo niet sneller, als dat wat mooi gevonden wordt. Was het topless zonnen een tijd geleden nog normaal, nu lijkt het zowat taboe te zijn geworden. Door maatschappelijke veranderingen werden onlangs schilderijen uit musea weggehaald en in depot opgeslagen omdat er vrouwelijk naakt op te zien was. Andere werken werden niet getoond in een gemeentehuis omdat kinderen het daar zouden kunnen zien. Als men zich realiseert dat het schilderen van naakt in verhouding in de geschiedenis vaker werd gedaan dan naaktfotografie nu, dan zegt dat iets over het verschuiven van die waarden en normen.

Omgang met naakt blijkt overigens een goede afspiegeling te zijn van de morele waarde van een samenleving. Met de komst van het Christendom werd naakt steeds meer geweerd uit de kunst. Naakt werd geassocieerd met Eva en haar zondigheid. Naakt was daarom slecht. Het duurde tot de Renaissance dat naakt weer “mocht” en het impressionisme leerde ons dat het afbeelden van het menselijke lichaam zelfs als kunst kon worden beschouwd.

Wat zijn nu esthetisch verantwoorde foto’s?

Na dit hele relaas komen we tot de conclusie dat foto’s esthetisch zijn wanneer ze door de groep die ze bekijkt geaccepteerd worden en voldoen aan de criteria voor de compositie, de tone en de nabewerking die passen binnen het geldende schoonheidsideaal.

Een foto waarop een eeuwige schoonheid is vastgelegd, zal daarom niet bestaan. Eeuwige schoonheid bestaat niet. Wel kunnen we, net zoals we dat doen wanneer we een schilderij van Rubens bekijken of voor een Romeins beeld staan, voor foto’s uit alle tijden respect hebben. We kunnen denken aan de kunstenaars en ons proberen te verplaatsen in hun belevingswereld. Door vanuit hun perspectief naar hun werk te kijken, krijgen ze opnieuw glans en zien we dat er feitelijk niet veel verandert, op de wijze waarop wij naar dezelfde dingen kijken na dan.