DNG als bestandsformaat

Steeds meer camera’s leveren DNG-bestanden op. Sommige mensen converteren hun foto’s ook naar DNG. Maar kun je niet beter voor RAW kiezen? Wat zijn de consequenties van de keuze voor DNG en wat is nu eigenlijk beter?

Digital Negative Image

Een DNG-bestand, een zogenaamd Digital Negative Image, is een bestand op basis van een soort open-source gebaseerd bestandsformaat dat door Adobe is ontwikkeld. Het is niet echt Open Source, maar Adobe heeft de bestandindeling wel in 2004 van DNG vrijgegeven. Daarnaast heeft Adobe de gratis mogelijkheid aan derden geschonken om DNG vrij te mogen gebruiken.

DNG is een variant op een RAW-bestand. In een DNG-bestand worden daarom de gemeten sensorgegevens van een camera naast instellingen zoals die voor de witbalans opgeslagen. Precies zoals dat dus gebeurt in andere RAW-bestandsformaten dus.

De meeste fabrikanten van camera’s hebben hun eigen variant van een RAW-bestand ontwikkeld. Nikon gebruik daarvoor NEF-bestanden, Sony ARW-bestanden en Canon bijvoorbeeld CR2- en CRW-bestanden. Deze bestandsformaten zijn eigendom van deze fabrikanten en daarom eigen ‘gesloten’ native bestandsformaten. Anderen mogen die dus niet zomaar gebruiken.

De bedoeling van Adobe was om daar met het DNG-formaat verandering in te brengen. Door een bestandsformaat te ontwikkelen dat door alle fabrikanten gebruikt kon worden, zou het leven een stuk gemakkelijk gemaakt worden. En langzamerhand zien we in de praktijk het DNG-formaat dan ook steeds vaker terugkomen. Zag je het eerst in alleen Hasseblad, Ricoh en bijvoorbeeld Leica toestellen toegepast, nu hebben zelfs low-end camera’s van bijvoorbeeld Sealife ook al de keuze om bestanden in DNG-formaat op te slaan.

Aangepaste instellingen opslaan

Wanneer je een RAW-bestand van een Nikon camera in Adobe Camera RAW (ACR) opent en instellingen hebt gewijzigd, dan worden deze instellingen opgeslagen in een zogenaamd xmp-bestand.

In een xmp-bestand (Extensible Metadata Platform) worden deze aangepaste instellingen opgeslagen als een tekstbestandje zodat deze kunnen worden gebruikt door software zoals Adobe Photoshop. Adobe heeft xmp ontwikkeld om gegevens te kunnen standaardiseren zodat eenvoudiger met verschillende RAW-formaten in haar pakketten gewerkt kan worden.

Een xmp-bestand wordt ook weleens een buddyfile of een sidecar genoemd. Je hebt namelijk zowel het RAW-bestand als de sidecar nodig om de afbeeldingsgegevens en de aanpassingen van het RAW-bestand te kunnen bewaren. Vandaar dat je na bewerking in een directory waarin RAW-bestanden staan ook de bijbehorende xmp-bestanden kunt vinden.

Als in de sidecar een waarde voor de witbalans is opgenomen overrulen deze gegevens de waarde die in het RAW-bestand staan. Een programma zoals Photoshop gebruikt namelijk de waarde die in het xmp-bestand staat, niet dat wat in het RAW-bestand is opgeslagen. Zou je het xmp-bestand verwijderen, dan ben je de aanpassingen die je in ACR gemaakt hebt kwijt, maar het RAW-bestand heb je nog wel. Je bent dan dus weer terug bij “af”. Het verwijderen van xmp-bestanden is dan ook te gebruiken als een harde reset van de gewijzigde instellingen.

Voor DNG-bestanden is het niet nodig om te werken met sidecars. Het bestandsformaat is immers bij iedereen bekend en voor iedereen toegankelijk en daarom kunnen aanpassingen rechtstreeks in het DNG-bestand zelf worden opgeslagen, wat dan ook gebeurt.

Een aantal mensen vindt dit een voordeel omdat je hierdoor niet per ongeluk het xmp-bestand kunt verwijderen zodat je de gemaakte instellingen kwijt zou kunnen raken. Anderen vinden het ontbreken van xmp-bestanden echter onhandig omdat je niet meer terug kunt keren naar het ‘basisbestand’. En dat laatste klopt. Door aangepaste instellingen in het DNG-bestand zelf terug te schrijven, overschrijf je immers de originele waarden. Je hebt een kopie van het DNG-bestand nodig wil je naar het originele bestand terug kunnen gaan. Omdat een xmp-bestand veel kleiner is als een tweede RAW-bestand, leidt deze backup werkwijze niet tot een erg efficiënt harddiskgebruik. Vandaar dat je in de instellingen van bijvoorbeeld Photoshop alsnog kunt aangeven dat je ook bij DNG-bestanden wilt werken met sidecars.

Andere verschillen

Naast het verschil dat DNG een open standaard is en dat er geen sidecar-bestanden bij worden aangemaakt, bevatten ze nagenoeg dezelfde informatie als andere RAW-bestanden terwijl ze toch al snel 15% kleiner zijn. Dat is vanzelfsprekend een voordeel want kleinere bestanden eisen nu eenmaal minder opslagruimte op (ook in de camera zelf!) en zijn sneller weg te schrijven en vlotter in te lezen.

Om ruimte te besparen wordt een aantal zaken niet in een DNG-bestand opgeslagen. Denk daarbij aan bijvoorbeeld GPS-informatie. Voor mensen die dit soort gegevens nodig hebben, is DNG dus geen optimale keuze.

Het is dus niet juist, wat wel eens onterecht beweerd wordt, dat DNG-bestanden alle informatie bevatten die ook andere RAW-formaten kennen. Sommige zaken worden niet opgeslagen en andere in een vorm van compressie. Het dataverlies van de afbeelding zelf is echter bijzonder klein waardoor de meeste mensen dat helemaal niet zullen merken. Overigens is het mogelijk om ook in een DNG-bestand alle originele RAW-gegevens op te slaan naast de gegevens zoals hij die zelf opslaat. Dit verdubbelt de bestandgrootte dan echter wel, wat dit tot een niet erg efficiënte keuze maakt.

Bewerken

Zoals je waarschijnlijk weet kun je RAW-bestanden niet zomaar bewerken. Ze moeten eerst door een RAW-converter zoals ACR worden omgezet voor gebruik in bijvoorbeeld Photoshop. Dat geldt voor een DNG-bestand ook.

Wat hier lastig aan is, is dat er zoveel verschillende soorten RAW-bestanden bestaan. Ze zijn niet alleen afhankelijk van de leverancier, maar soms ook van de hardware. Voor verschillende sensoren kunnen verschillende RAW-bestanden door dezelfde leverancier zijn ontwikkeld. Dit betekent dat programma’s als ACR moeten worden bijgewerkt zodat ze ook de bestanden van nieuwe modellen kunnen verwerken. En als dat niet snel genoeg gebeurt, kan het even duren voordat je de foto’s van je nieuwe camera in Photoshop of Lightroom kunt nabewerken.

Zouden alle fabrikanten met hetzelfde bestandsformaat werken, dan was dat probleem verholpen. Maar dat kan alleen wanneer dat formaat uiterst flexibel is en niet een beperkende factor wordt voor eventuele nieuwe camera's. Volgens Adobe zou DNG dat zijn.

Er zijn nu al studios die al hun foto’s gemaakt in fabrikant afhankelijke RAW-bestanden converteren naar het open DNG-formaat. Hiermee hopen ze op een toekomst voorbereid te zijn waarin huidige fabrikanten mogelijk niet meer zouden bestaan en hun bestandsformaten ook niet meer ondersteund zouden kunnen worden. Werken met DNG betekent jezelf onafhankelijker opstellen. Maar dan moet DNG natuurlijk wel blijven bestaan.

Gedoe, kies gewoon JPG...

Er is een categorie fotografen die RAW een onhandige keuze vindt. Door in JPG foto’s te maken hebben ze minder harddiskruimte nodig, worden bestanden sneller opgeslagen, en ga zo maar door. Dat klinkt als een hoop voordelen. Toch is dit o.i. een beperkte visie.

Op de eerste plaats bevat een RAW-bestand veel meer informatie dan een JPG-bestand. Denk alleen maar eens aan de verschillende waarden voor de helderheid die een pixel toegewezen kan krijgen. Binnen een JPG-bestand heb je daar 256 verschillende waarden voor beschibaar, in het meest eenvoudige RAW-bestand meer dan 15000. Hierdoor zullen overgangen in helderheid in RAW-bestanden veel geleidelijker kunnen verlopen.

Op de tweede plaats worden in een RAW-bestand een aantal gegevens gescheiden opgeslagen. De witbalans is daar een goed voorbeeld van. Hierdoor kun je tijdens de nabewerking achteraf de witbalans nog heel goed wijzigen. Bij een JPG-bestand is de witbalans al verwerkt in de afbeelding waardoor dit niet meer kan. Een RAW-bestand geeft dus betere nabewerkingsmogelijkheden dan een JPG-bestand.

Maar DNG of toch RAW?

Tja, dat is een vraag die veel fotografen momenteel bezighoudt. Soms wordt die vraag door de gebruikte apparatuur bepaald. De DC2000 van Sealife biedt als RAW-variant alleen DNG-formaat aan, de Nikon D4 alleen NEF. Dan is de keuze natuurlijk snel gemaakt want een nieuwe camera zul je er niet snel voor aan gaan schaffen.

Wij vinden het gebruik van xmp-files als sidecars heel handig in gebruik en zijn niet zo in onze sas van het overschrijven van instellingen in het DNG-bestand zelf. Werken we met DNG dan zetten we dus de optie in Photoshop aan om ook daarmee gewoon met sidecars te werken. Omdat we overigens niet denken dat Nikon of Canon met hun bestandsformaten snel van de markt zullen verdwijnen, zijn we niet zo bang voor het niet meer kunnen openen van onze ‘fabrikanteigen RAW-bestanden’ in de toekomst. Dat is voor ons dus ook geen reden om nu perse voor DNG te kiezen.

In het algemeen zijn we echter wel voor standaardiseren. Want waarom zou iedereen zelf het wiel moeten uitvinden als we allemaal met hetzelfde goede wiel kunnen rijden? En als we met z’n allen werken aan dezelfde standaard, dan bundelen we onze energie en daar worden we beter van dan dat we allemaal onze eigen weg bewandelen.

Als DNG het ei van Columbus blijkt te zijn, zo menen wij, dan stappen de fabrikanten daar vanzelf wel op over. En kopen we dan een nieuwe camera, dan werken we voortaan met DNG. Technisch gesproken zou dat waarschijnlijk wel gemakkelijker en daarom logisch zijn. Maar tot die tijd doen wij het met wat we nu hebben. We zullen er geen andere camera’s voor gaan kopen.