Watershoot

In een studio met regen en water werken lijkt onmogelijk, maar is echt goed te doen! In dit artikel lees je hoe wij dat aanpakken zodat je dat zelf ook kunt doen.

Watereffect

Water kan binnen fotografie heel goed worden gebruikt om melodramatische foto’s te maken. Het kan helpen verhalen te vertellen. Wanneer we iemand weg zien lopen met een koffertje in de regen, dan komt dat immers extra triest over. Hoewel het in dit soort foto’s niet om de regen gaat, zorgt de regen er wel voor dat een bepaalde sfeer wordt bereikt. Regen is een uitstekende enabler voor trieste foto’s.

Als je dit zo leest dan zou je kunnen denken dat je met water alleen maar trieste foto’s zou kunnen maken. Maar wat nu als het regent op een zomerse warme dag en je jezelf gelukkig voelt? Gene Kelly zingt dan “I'm singin' in the rain, Just singin' in the rain. What a glorious feeling, I'm happy again.…”. Hier is regen blijkbaar geen versterker van een triest moment. Gene Kelly voelt zich zichtbaar blij als een klein kind dat in de plassen springt. Blij met de regen, of, zoals in een treffende haiku beschreven staat, “Het is mijn regen, dat op mijn hoofd valt”.

Regen in een studio

Leuk idee natuurlijk, een shoot in de regen, maar misschien denk je meteen ook dat dit wel heel riskant kan worden voor de kostbare fotoapparatuur. Je ziet jezelf daarbij wellicht al staan onder een paraplu, ergens buiten en in de druipende regen.

Toch hoeft dat niet zo plaats te vinden. Je kunt de regenbui namelijk ook gecontroleerd naar binnen halen! En daarvoor hoef je niet perse in een badkamer te fotograferen. Vanzelfsprekend moet je er wel wat voor doen, maar wie mooi wil wezen moet pijn leiden, zegt het gezegde. En de “pijn” die je hiervoor over moet hebben is heel gering gezien het plezier dat je kunt krijgen met het maken van dit soort foto’s!

Doel van de shoot

Tijdens deze shoot willen we je laten zien dat je binnen prima met echte regen en water kunt werken. We willen ons daarbij niet richten op het maken van trieste foto’s alleen. We willen juist proberen om de schoonheid van de interactie tussen het onderwerp en het water vast te leggen. Om dat te kunnen doen besluiten we zoveel mogelijk bijzaken uit de foto weg te laten. Door de foto’s sober te houden, denken we deze interactie te kunnen versterken. En dat is binnen nu eenmaal gemakkelijker te realiseren omdat we daar alles veel meer onder controle kunnen hebben.

De opbouw

Voor de shoot leggen wij een grondzeil voor een tent op de vloer neer. Handig, want dit grondzeil bevat een opblaasbare rand om water weg te houden. Maar wij gaan deze opblaasbare rand natuurlijk gebruiken om het water juist in het grondzeil te houden. Dit grondzeil is voor ons dus een enorme badkuip van geringe hoogte. Wij kunnen hem in onze hal neerleggen, deze is veel groter dan onze studio en gebruiken we daarom bijvoorbeeld ook voor meelshoots.

Het soort grondzeilen dat wij hiervoor gebruiken kun je bij gerenommeerde campingzaken in verschillende maten online bestellen. Meestal zijn ze van sterk PVC gemaakt. Deze grondzeilen worden dan ook "grondzeil met opblaasrand" genoemd, mocht je er naar willen zoeken op internet.

Het voordeel van een groot grondzeil zoals wij dat hebben is dat je een behoorlijke oppervlakte hebt waar het water op terecht kan komen. Je hebt met een groot grondzeil ook meer ruimte voor een eventuele reflectie. Maar je hebt daar natuurlijk dan ook wel voldoende vloeroppervlakte voor nodig. Daarnaast duurt het met een groot grondzeil ook langer voordat er op de hele oppervlakte voldoende water is terechtgekomen zodat je kunt spreken van voldoende bodembedekking (1 cm diepte is daarvoor overigens meer dan genoeg). 

Ons grondzeil is niet alleen groot, het is ook lichtgrijs. Die grijze kleur past niet goed bij de foto’s die we willen gaan maken. We willen daarvoor namelijk met zwart gaan werken. Daarnaast laat dit grijs het water moeilijk reflecteren. Wil je gebruik maken van waterreflectie, dan kun je beter met een zwarte bodem werken. Om die reden leggen we een zwarte doek op de bodem van ons grondzeil die we onder water houden door het te verzwaren met een aantal stukken lood.

Dit zwarte doek laten we doorlopen tot in de zwarte backdrop. Daarvoor plaatsen we achter het grondzeil een stellage waar we de zwarte doek tegen omhoogwerken. We gebruiken hiervoor een achtergrondsysteem dat bestaat uit twee poten met dwarsverbindingen. Daar overheen hangen wij de zwarte doek en zetten het vast met een aantal klemmen (zie afb 1).

Het water

Het regent niet in de studio en daarom moeten wij onze eigen regen produceren. We gebruiken hier een normale tuinslang voor en sluiten deze aan op de kraan. Aan de andere zijde hebben wij een sproeikop bevestigd om planten in de tuin mee water te kunnen geven. Prima oplossing! Wil je het fraai laten regen, dan kun je de sproeier soms beter omhoog richten. Het water volgt dan een parabolische baan omhoog voordat het recht naar beneden valt. Hierdoor ziet het er realistischer als echte regen uit. 

Door een watershoot te organiseren breng je water in de studio dat er later ook weer uit zal moeten. Het lijkt ons zowat overbodig om te zeggen dat je vooraf moet bedenken hoe je het verzamelde water na de shot goed af denkt te voeren...

De sluitertijd en het diafragma

Vanzelfsprekend speelt de sluitertijd een belangrijke rol bij dit soort foto’s. Gebruiken we een zeer korte sluitertijd, dan bevriezen we het water in de lucht. Wordt een lange sluitertijd gebruikt, dan krijgen we bewegingsstrepen bij de druppels te zien. In dit geval gaan we voor het bevriezen van de druppels. 

Een hele snelle sluitertijd (boven 1/250) kunnen we niet kiezen. Dit is namelijk de ‘max flash sync time’ van de Nikon camera die we tijdens deze shoot gebruiken. Bij hogere snelheden gaan we daardoor tijdens het flitsen zwarte balken op de foto zien. Deze 1/250 is echter niet snel genoeg voor het gewenste bevriezen van het water in de lucht. Daarvoor hebben we echter een heel eenvoudige oplossing.

Wanneer we de flitsers uitschakelen en bij ISO 100 en een sluitertijd van 1/250 een testfoto maken, dan zien we dat als het diafragma op 4 of kleiner wordt ingesteld, de foto geheel zwart wordt. Zonder flitsers wordt bij deze instellingen de foto dus geheel onderbelicht. Het bewijs dat het omgevingslicht in de studio geen effect heeft op de belichting. Precies wat we willen!

Het is dus alleen het licht van de flitsers dat onze foto's nog kan belichten. Gaan we werken met flitsers, dan bepaalt de flitsduur daardoor de belichtingstijd, en niet de sluitertijd van de camera. Omdat de flitsduur van flitsers erg kort is (vaak is dat slechts 1/5000 van een seconde of sneller) weten we zeker dat dit snel genoeg zal zijn om de druppels in de lucht te laten bevriezen.

In de foto's hiernaast is te zien waartoe dit leidt. Het water wordt zo kort belicht dat het soms wel ijs lijkt. Dat zie je vooral goed terug op foto's waarop met water wordt gegooid. Bevroren druppels komen op de gevoelige plaat terecht als witte stipjes. Dit komt omdat de druppels door ons met behulp van een aparte studiolamp van achteren worden belicht.  

Natuurlijk bepaalt het gekozen diafragma de scherptediepte, maar dit bepaalt ook welke waarden we op de flitsers moeten instellen. Met een lichtmeter zijn de juiste waarden hiervoor snel te vinden, maar met een beetje experimenteren ben je daar ook vlot uit.

Het objectief

Als het grondzeil groot is zoals bij ons, en het onderwerp zich daardoor relatief ver van de camera af bevindt (wat wel zo veilig is om de camera droog te houden), dan volstaat het niet om met een 50 mm objectief te werken. Een telelens is dan de betere keuze. Wij hebben voor deze foto’s een Nikon 70-200 mm objectief gebruikt.

Softboxen of niet?

Met een softbox genereer je diffuus licht, maar of dat licht ook echt zacht wordt tijdens deze shoot, is maar de vraag. Diffuus en zacht licht zijn immers niet hetzelfde. Om zacht licht te krijgen moet de softbox dicht bij het onderwerp worden geplaatst. En wie wil het risico lopen zijn dure apparatuur bloot te stellen aan het water? De praktijk zal daarom uitwijzen dat je de flitsers waarschijnlijk niet erg dicht op het onderwerp zult plaatsen.

Toch kan het gebruik van softboxen handig zijn omdat hierdoor een grotere gelijkmatige lichtbron (brede straal van licht) ontstaat richting het onderwerp. Door er een grid op te plaatsen kun je het licht meer richting geven. Het licht van een flitser zonder softbox kun je met barndoors richten, maar dat geeft toch een ander effect. Zaak dus om hiermee te experimenteren voor het meest gewenste resultaat!

Onze opstelling

In afb 1 is te zien dat wij vier studiolampen gebruiken voor deze shoot. Studiolamp A gebruiken we als invulflitser, de lampen B en C belichten het onderwerp vanaf de zijkant en verzorgen het grootste deel van het licht. Op deze drie studiolampen hebben we softboxen met grids geplaatst. Studiolamp D heeft geen softbox en richten we van achteren op de vallende regendruppels zodat deze zichtbaar worden als witte stipjes op de foto. Wij sturen onze studioflitsers draadloos aan, iets wat hier een uitkomst biedt. Het voorkomt immers de noodzaak van lange kabels over de vloer. 

Ideeën 

Tot nu toe spraken we vooral over techniek, maar een minstens zo'n belangrijk aspect wordt natuurlijk bepaald door de compositie. Juist omdat er zoveel mogelijk is, is het belangrijk om dit soort shoots goed voor te bereiden. Niet op de laatste plaats omdat het opbouwen en opruimen van de set relatief veel tijd kost en daarom niet iets zal zijn wat je wekelijks zult willen doen als je onverhoopt iets vergeten zou zijn…

Assistent

Een assistent voor de fotograaf is meer dan handig bij deze watershoots, zeker wanneer je met slechts een enkel fotomodel werkt. Werk je met meerdere modellen, dan kunnen zij de fotograaf misschien als assistent helpen. Niet alleen tijdens het opzetten en afbreken van de set, maar ook tijdens de shoot zelf is dat nodig. De fotograaf kan zijn apparatuur immers niet met natte handen bedienen en het zal ook regelmatig voorkomen dat de watersproeier iets anders zal moeten worden gericht. Daarnaast wil je als fotograaf misschien dat er water naar het onderwerp wordt gegooid (zie afb 2) of dat een model attributen aangereikt krijgt zodat ze niet steeds de natte omgeving hoeft te verlaten. Ook als je de instellingen of richting van de flitsers wil aanpassen, is dat een goede taak voor de assistent!

Het fotomodel

Toch is het belangrijkste van de voorbereiding nog wel het voorbereiden van het fotomodel. Het model moet het niet alleen leuk vinden om aan een dergelijke shoot mee te werken, ze moet zich vooral realiseren dat ze door en door nat wordt, dat de kleding nat wordt (die vaak van het model is en daarom nat door haar mee teruggenomen moet worden naar huis) en dat je misschien alleen kunt werken met koud water. 

Het is daarom verstandig om dergelijke shoots goed met modellen door te spreken en hen hierop voor te bereiden. Als fotograaf moet je er overtuigd van zijn dat het model weet waar ze aan begint zodat ze niet na tien minuten de spreekwoordelijke handdoek in de ring gooit. De shoot voor dit artikel hebben wij uitgevoerd met koud water, een assistent en twee stoere modellen op een warme zomerdag (26 graden Celsius). We lieten de modellen afwisselen tijdens de shoot. Maar ondanks deze randvoorwaarden, kregen de modellen het op sommige momenten toch zo koud dat het inlassen van "bijkompauzes" geen overbodige luxe bleek te zijn (zie afb 3). Het werken met water is een niet te onderschatten aspect van een "koud-water-shoot", hoe warm het buiten ook is. Kun je met warm water werken, dan is dat natuurlijk prettiger!

De foto’s hiernaast

Met een kapotgemaakte paraplu (zie afb 4) is al snel een verhaal verteld. Er is niet veel voor nodig om met regen een sfeertje te creëren.

Bij een groter grondzeil heb je meer ruimte beschikbaar voor reflecties (zie afb 5).

Het haar van het model is alleen in het begin van de shoot nog droog. Begin daarom eerst met de foto’s waarbij met water wordt gegooid, stap dan pas over op de foto’s waarop het regent (waardoor het haar altijd nat wordt). De eerste worpen moeten goed zijn en het moment van afdrukken perfect getimed. De kans foto’s te maken waarop nog droog haar te zien is, krijg je alleen door te streven naar een hit-in-one tijdens de eerste waterworpen (zie afb 6).

Foto’s waarbij sprake is van een directe interactie met het water, kunnen zeer fraaie beelden opleveren. Het model kan hiervoor het water met haar handen opscheppen en omhoog gooien of met haar handen in het water slaan zoals dat gebeurt in afb 7. Ook hier is een goede timing natuurlijk essentieel voor het beste resultaat.

Gekleurde objecten zoals de groene krokodil in afb 8 of het gele pakje in afb 5 springen uit de foto omdat de rest van de foto qua kleuren relatief sober is gehouden. Dit kan de foto tot een blikvanger maken.

Voor afb 9 is een rookmachine gebruikt zodat een extra dimensie in deze foto werd gebracht.

Samenvatting

Als de techniek op orde is, er goede composities zijn bedacht en het fotomodel het niet al te koud krijgt, zijn de resultaten van een watershoot vaak verbluffend. Het is technisch eenvoudiger dan dat je op eerste gezicht zou kunnen denken. Zorg dat je het water tijdens de shoot goed kunt opvangen en na de shoot kunt afvoeren. Kies voor eenvoud, gebruik weinig attributen en zoek naar een simpel verhaal waarbij het water de rol als sfeermaker inneemt.

Doe je dit, dan zul je zien dat de inspanning voor het opzetten en afbreken van de set meer dan de moeite waard is. Kijk voor andere foto's die we tijdens deze shoot hebben gemaakt ook eens naar deze selectie van foto's.

 

Afb 1: De gebruikte opstelling
Afb 2: Een assistent is erg handig voor het gooien met water
Afb 3: Bereid het model voor op het werken met koud water
Afb 4: Houd de foto eenvoudig
Afb 5: Met een groot grondzeil krijg je meer mogelijkheden voor reflectie
Afb 6: De haren blijven maar even droog, hit-in-one is daarom essentieel
Afb 7: Laat het model interacteren met het water
Afb 8: Kleuren springen al snel uit de foto
Afb 9: Met een rookmachine een extra dimensie toevoegen