Snoot

Wanneer je de behoefte hebt om meer met licht te kunnen doen dan de standaard, en met bouncing (kaatsen via bijvoorbeeld het plafond of de muur) alleen er niet meer komt, dan ga je vast met softboxes, beauty dishes, paraplu's en reflectieschermen werken. Maar een snoot wordt dan ook een geweldige aanvulling.

Al deze hulpmiddelen zorgen namelijk vooral voor een mooier diffuser licht, waarbij veelal dit licht breed wordt uitgestraald. Maar om licht mer richting te kunnen geven kun je toch beter met snoots en grids gaan werken.

Een snoot is niets anders dan een opzetstuk op een flitser welke het licht 'beperkt'. Het is een soort tunnel waar het licht doorheen wordt gestuurd zodat het alleen in de richting van die tunnel wordt gestuurd. Door een snoot te gebruiken kun je plaatselijk, zowel op het object als bijvoorbeeld op de achtergrond, licht laten vallen.

Er zijn voor diverse type flitsers verschillende soorten snoots te koop bij vakhandels. Meestal worden ze geleverd met een opzetstuk voor specifieke flitsers en zitten er een of meerdere grids bij. Ze zijn echter ook eenvoudig zelf te maken. Al met een stuk zwart karton en wat plakband kun je een heel eind komen. Door de lengte van de tunnel te varieren, bepaal je de werking van de snoot. Hoe langer de snoot, hoe smaller, en daarmee harder, de lichtstraal aankomt. In de fotografie komt het zelf maken van snoots of andere hulpmiddelen veel voor omdat je dan precies krijgt wat je wil. De zogenaamde DIY apparatuur ("Did It Yourself") kom je bij zowat iedere professionele fotograaf tegen.

Als de flitser die je gebruikt over de mogelijkheid beschikt hem in een teleobjectief stand te zetten, doe dit dan. Hierdoor stuurt de flitser geen "breed" licht uit, wat toch door de snoot tegen wordt gehouden. Je gaat dan dus efficienter met het licht om. Let ook op dat de flitser niet te warm wordt. Sommige flitsers worden hiervoor beschermd en schakelen zichzelf uit als ze te warm worden, maar veel flitsers doen dit niet en kunnen dan door oververhitting defect raken!